Documentlocatie i.v.m. hyperlinken

Kraken-post:
bericht van ouwesiem_at_squat.net


[kraken] 'Nu vindt iedereen zo'n ruige buurt fantastisch'

From: <ouwesiem_at_squat.net>
Date: Mon, 28 Nov 2011 12:15:29 +0100 (CET)

'Nu vindt iedereen zo'n ruige buurt fantastisch'

Aanjager, fondsenwerver en stadsontwikkelaar van onderop, zegt het
visitekaartje van Eva de Klerk. Ze is de drijvende kracht achter de
ontwikkeling van de voormalige NDSM-scheepswerf tot grootste culturele
broedplaats van het land met 250 kunstenaars. Het succes verschafte De
Klerk een internationale reputatie. Uit binnen- en buitenland komen
sindsdien verzoeken om mee te denken over nieuwe bestemmingen voor
verloren terreinen. Zo was ze als consultant betrokken bij de plannen voor
het voormalige vliegveld Tempelhof in Berlijn, praat ze mee over de
toekomst van een oude scheepswerf in Osaka en werkt ze als kwartiermaker
voor een culturele hotspot in het woonblok Heesterveld in Zuidoost.

Wat heeft u met rafelranden?

"Rafelranden zijn ruig, gaaf en spannend. Ik heb altijd van no go
gehouden. Als kind al. Ik ben opgegroeid in Engeland. Daar woonde ik met
mijn ouders in van die oude cottages, halve spookhuizen met in elke kamer
een open haard en elektriciteit die om de haverklap uitviel. Geweldig
spannend vond ik dat. Ik kwam bij vriendjes en vriendinnetjes over de
vloer die in halve ruïnes woonden. Huizen langs het spoor met afgeplakte
ramen en een badkuip in de woonkamer. Het was natuurlijk schrijnende
armoede, maar stiekem vond ik het heel stoer."

U heeft er uw werk van gemaakt deze gebieden tot leven te wekken.

"Dat heb ik helemaal te danken aan mijn werk voor de NDSM-werf. Het
concept van een zelfgebouwde stad in een loods is uniek in de hele wereld.
Dat bestaat echt nergens anders. Ik krijg sindsdien veel verzoeken voor
lezingen, presentaties en workshops in het buitenland. In Berlijn denk ik
mee over een nieuwe bestemming voor de zogenoemde sleeping giants, grote
leegstaande gebouwen en fabriekshallen. In Osaka staat een prachtige oude
scheepswerf waar de creatieve industrie moet neerstrijken, naar het
voorbeeld van Amsterdam. De creatieve industrie is helemaal hot and
happening, iedereen wil creatief en bijzonder zijn. Ik zie het als mijn
taak om daar vraagtekens bij te plaatsen. Amsterdam heeft een heel goed
afzetgebied voor kunst en cultuur met al zijn musea en galerieën. In Japan
is dat heel anders. Misschien moeten ze daar wel iets doen met landbouw of
duurzame energie, ik noem maar wat."

Hoe werkt dat? Ziet u meteen de mogelijkheden van zo'n vervallen
vliegveld, scheepswerf of gasfabriek?

"Het eindresultaat is eigenlijk niet zo belangrijk. Het proces vind ik
veel interessanter. Opdrachtgevers hebben het daar vaak moeilijk mee. Zij
zoeken houvast in concrete plannen voor een bestemming. Ik was onlangs in
Wenen om mee te denken over de mogelijkheden van een oude gasfabriek op
een groot braakliggend terrein. Echt super. Maar ik zat daar met alleen
maar stedenbouwkundigen, architecten en publicisten om mij heen. Nergens
een eindgebruiker te bekennen, terwijl die straks toch echt het werk
moeten doen."

"Zo ging het ook op de NDSM-werf. Het stadsdeel Noord wilde creatieve
industrie. De vlooienmarkt moest daarvoor wijken, de jachthaven en de
botenbouwers in de loods. Juist niet. Mijn filosofie is dat je moet
voortborduren op wat er is in het gebied."

Wat trof u indertijd aan op de NDSM-werf?

"De werf was in 1984 gesloten. Ik kwam er voor het eerst in 1996, als
bezoeker van de voorstelling Westerwals van Dogtroep. Ik was zo
gefascineerd door het gebied dat ik tot diep in de nacht ben blijven
hangen en prompt in het donker, zoekend naar de uitgang, met mijn fiets in
het prikkeldraad reed. De mensen van Dogtroep hebben nog een
zwaluwstaartje aangelegd. De werf was toen eigendom van het stadsdeel en
werd vooral bevolkt door nomaden, skaters en zwervers. Onder de hellingen
zaten al een paar kunstenaars. De loods waar de botenbouwers lekker aan
hun bootje zaten te knutselen, stond onder toezicht van een beheerder. Een
heel aardige man, maar ook streng gelovig. Dus op zondag mocht er niets.
Ik ben meteen gaan kijken of er plannen waren voor de werf."

Zomaar?

"Ik was bezig met locatietheater. Ik had meegewerkt aan een reizende
tentoonstelling, De Valigia, waarbij we met een trein dwars door Europa
reden. In elk land werd een wagon aangekoppeld met werken van lokale
kunstenaars. Dat was een fantastisch project. We sliepen in de trein, op
rangeerterreinen waar verder niemand komt. In oude stationsgebouwen
organiseerden we houseparty's. In Amsterdam was net de tijd aangebroken
van de ontruimingen van kraakpanden waar allerlei interessante dingen
gebeurden. Goedlopende uurwerken werden met een mokerslag kapot gemaakt.
Amsterdam dreigde te vertrutten. Er was veel meer aandacht voor het
consumeren van kunst dan voor het produceren. Maar er waren ook
lichtpuntjes. Pakhuis Wilhelmina had het net voor elkaar gekregen om met
tachtig kunstenaars het pand te kopen. Dat wilde ik ook, op de NDSM-werf."

Hoe heeft u dat aangepakt?

"Aanvankelijk hadden we het plan de loods te kraken. Op dat moment schreef
het stadsdeel een prijsvraag uit voor de toekomst van de werf. Mooi, dacht
ik, dan gaan we door de voordeur naar binnen. In snackbar De Klaproos
hebben we op een placemat de contouren van een plan opgeschreven. Het
uitgangspunt was: als je een grote, chaotische plek wil, heb je twee
basisregels nodig: veiligheid en hygiëne. Als alle gebruikers zich daaraan
willen houden, kun je alle creativiteit de vrije loop laten. Ik ben eerst
naar de skaters gegaan, die semi-illegaal een wereldberoemd skatepark
hadden opgezet in Vrieshuis Amerika, een oud vleespakhuis bij Centraal.
Zij waren meteen enthousiast. Ik had ook contact met een bijstandsmoeder
uit Westerpark die zich had gespecialiseerd in het bouwen met strobalen.
Zij hadden plannen voor een paviljoen op het Stenen Hoofd. Dat is nu
restaurant Noorderlicht geworden op de NDSM-werf."

Er moest veel geld op tafel komen.

"De NDSM-werf heeft de naam van een subsidieslurper, maar het tegendeel is
waar. Het hele project kostte dertig miljoen, waarvan tien miljoen
subsidie. De rest kwam van de gebruikers van de werf. Het stadsdeel sloot
een lening af met de centrale stad. De rentelasten werden betaald uit de
huurinkomsten. We zamelden tien miljoen in voor het wegwerken van het
achterstallig onderhoud van een pand dat eigendom was van het stadsdeel.
De ontwikkelaar die het kantoor van MTV neerzette, kreeg geld toe. Dat is
een groot misverstand. Je kunt een pand aan een projectontwikkelaar
verkopen, maar ook aan tweehonderd kunstenaars. Het levert minstens
hetzelfde op."

De gemeente doet misschien liever zaken met een projectontwikkelaar?

"Het heeft mij indertijd geweldig veel moeite gekost om de gemeente ervan
te overtuigen dat in de zogenaamde subcultuur geweldige ondernemers
zitten. Ze dragen misschien geen stropdas, maar het zijn rasondernemers.
De NDSM-werf is de afgelopen jaren in erfpacht verkocht aan een
projectontwikkelaar. Nu is het crisis en gebeurt er helemaal niets meer.
Je kunt zo'n terrein ook opdelen in kavels en verkopen aan eindgebruikers
zodat zij ermee aan de slag kunnen gaan. Zij gaan wel door, crisis of geen
crisis."

"Verderop langs de IJ-oever heeft het kledingmerk Gsus zelf een lap grond
gekocht voor een kantoor. Daar zitten nu M-Lab en Hotel De Goudfazant. Dat
zijn interessante en spannende ontwikkelingen die een heel gebied op
sleeptouw nemen. Hier ligt het eigen initiatief nu helemaal stil. Jammer
hoor."

De NDSM-werf is een beleggingsobject geworden.

"Zo gaat het vaak, hoor, met no-goareas. Een kunstenaar begint ergens
iets, dan komen de galeries en daarna de yuppen. Het is een natuurlijke en
eeuwenoude cyclus. Toen wij hier kwamen, waren de IJ-oevers leeg. Niemand
wilde daar zitten, afgezien van een enkele zwerver en een paar skaters. Er
lagen plannen voor de komst van een financieel centrum, plannen die later
naar de Zuidas zijn verplaatst. Het stadsdeel wilde alle gebouwen slopen.
Nu vindt iedereen het fantastisch om in zo'n lekkere ruige buurt te
zitten, ook grote bedrijven."

Gaat die commerciële belangstelling niet ten koste van de artistieke opzet?

"Soms. Toen ik bezig was sponsoren te regelen voor De Valigia, het
kunstproject met die trein, kregen we een fantastisch aanbod van
wodkafabrikant Absolut. Zij wilden vier miljoen geven als zij hun naam aan
het project mochten verbinden. Dat hebben we afgeslagen. Toen wij net
begonnen waren met de NDSM zocht Nike een plek om tijdens het EK Voetbal
een voetbaldorp neer te zetten. Een aantal kunstenaars en krakers zag dat
helemaal niet zitten. Nike lag onder vuur vanwege de slechte
arbeidsomstandigheden in buitenlandse vestigingen. Er zijn toen stevige
discussies gevoerd die best goed liepen. Uiteindelijk heb ik het toch
afgeblazen. Niet vanwege Nike, maar vanwege mogelijke acties. Ik was bang
dat de pleuris zou uitbreken net op het moment dat we allemaal leuke
kinderen uit Noord in huis zouden hebben."

U bent in 2004 opgestapt bij de NDSM-werf om als zelfstandig ondernemer
verder te gaan. Waarom ging u weg?

"De werf was een paradepaardje geworden. Iedereen ging zich ermee
bemoeien. Dat zijn ingewikkelde processen. Mijn uitgangspunt was van meet
af aan: we houden vast aan het plan van aanpak voor de werf, we bewaken de
grote lijnen en laten de rest helemaal vrij. Maar dan komen er een bestuur
en een directie en die hebben ook hun opvattingen over hoe het zou moeten.
Het lastigste is om mensen op één lijn te krijgen. Tegelijkertijd leveren
conflicten vaak ook weer nieuwe ideeën op."

U vertelde net dat u bent opgegroeid in Engeland. Hoe raakte u daar verzeild?

"Mijn vader was financial controller bij een groot Amerikaans bedrijf en
hij kon een baan krijgen in Londen. Ik was toen één jaar oud. We hebben in
veel verschillende landen gewoond, maar de meeste tijd heb ik als kind
doorgebracht in Engeland, compleet met schooluniform en lijfstraffen. Ik
was een braaf kind, maar toch kreeg ik af en toe een tik met een liniaal
op mijn vingers. Ik vond dat helemaal niet vreemd. Het hoorde erbij. Toen
we later verhuisden naar Vinkeveen, schrok ik van de brutaliteit van de
andere kinderen in de klas. Ik kwam daar binnen met een plooirok, een
knalgele blouse met puntkragen, een bruine spencer, een zijscheiding en
een speldje in mijn haar. Ik was superverlegen."

Dat klinkt niet als het prototype van de fondsenwervende projectbooster.

"Op mijn zestiende heb ik een zwaar ongeluk gehad, net op de leeftijd dat
je met coole gasten bij de snackbar gaat rondhangen. Met vrienden ben ik
na een avond stappen met de auto verongelukt. Een van de vrienden was
dood. Mijn gezicht, arm, heup en bekken waren verbrijzeld, mijn benen en
rug gebroken. De revalidatie duurde twee jaar. Daarna heb ik het zwaar
gehad. Ik wist niet goed wat ik aan moest met mijn leven. Ik was verslaafd
geraakt aan heftigheid en ging voortdurend op zoek naar nieuwe
uitdagingen."

Hoe uitte zich dat?

"Ik reisde naar Centraal-Amerika met het verlangen om oorlogscorrespondent
te worden. Ik was net twintig en ik had geen idee waar ik mee bezig was.
Ik kwam aan boord van militaire schepen die ook cocaïne smokkelden.
Volstrekt onverantwoord. Uiteindelijk ben ik zwaar mishandeld door de
geheime politie en heeft het consulaat mij moeten helpen om Honduras uit
te komen. Het gekke is: ik ben helemaal geen thrillseeker. Als het echt
gevaarlijk wordt, haak ik af. Ik ben geen stoer wijf. Ik heb wel last van
een wereldverbeteraarsgevoel. Toen ik terugkwam uit het straatarme land,
heb ik mijn verjaardag gevierd met afval van de Dappermarkt. Dat moest,
vond ik."

Hoe komt een dochter van een directeur aan zo veel sociaal gevoel?

"Ik was als kind al een zorgelijk type, hoor ik van mijn ouders. Zo jong
als ik was, dacht ik na over de grote vraagstukken. Mijn vader was een
keiharde zakenman. Ik nam het op voor de arbeiders. Ik vond het vreselijk
zielig dat ze zo hard moesten werken voor weinig geld. Later had ik het
ook wel moeilijk om mijn draai te vinden. Ik paste niet in de
maatschappij, misschien ook door de vele verhuizingen in mijn jeugd. Ik
was altijd het meisje van ergens anders en gedroeg mij daar ook naar. Als
de familie uit eten ging, mocht ik van mijn vader niet mee vanwege mijn
kleding. Mijn grootvader noemde mij een terrorist en een zigeunerin en hij
wilde mij niet meer over de vloer. Heel kwetsend. Vandaar dat ik mij later
zo thuis ben gaan voelen in kraakpanden. Daar kon ik rustig zitten zonder
dat mensen mij lastig vielen. Daar waren meer mensen zoekende. Dan ga je
samen leuke projecten verzinnen."

Was dat een ommekeer?

"De echte ommekeer kwam in De Alpen. Daar heb ik in 1995 een jaar samen
met een goede vriend voor een kudde geiten gezorgd. In maart gingen we de
berg op en in juli kwamen we weer naar beneden. Twee keer per dag melken
en kaas maken. En elke twee weken met de ezels naar het dorp om proviand
in te slaan en krachtvoer voor de geiten. Boven woonden we in zeer
primitieve omstandigheden, maar ik vond het er heerlijk, zo eenzaam en
alleen. Ik heb er goed na kunnen denken en ben helemaal tot rust gekomen.
Daar boven in de bergen heb ik een besluit genomen: ik ga vanaf nu doen
waar ik zin in heb, ik wil werken met creatieven en ik wil een plek vinden
in het systeem. Nou ja, dat is toch wel gelukt, geloof ik."

Wat zijn de plannen voor de toekomst?

"Er zijn nog veel toffe plekken in Amsterdam. Het Westelijk Havengebied,
het marine-etablissement Kattenburg, het Hembrugterrein in Zaanstad. Dat
zijn ook sleeping giants. Amsterdam oefent internationaal nog steeds een
enorme aantrekkingskracht uit. Op kunstenaars en ondernemers, maar ook op
vluchtelingen. Wat die laatste groep betreft, vind ik het vreselijk zonde
dat er zo weinig met hun talenten en vaardigheden gebeurt. Ze zitten maar
te verpieteren op hun kamertje. Ik zou dolgraag een plek opzetten met
asielzoekers. Maar dat is voor later. Eerst komen de triënnale in Japan en
de internationale bouwtentoonstelling in Berlijn."

Eva de Klerk (46) stond aan de wieg van broedplaats NDSM-werf. Sindsdien
wordt ze overal ter wereld gevraagd om te adviseren over rafelranden.
'Iedereen wil creatief en bijzonder zijn. Aan mij de taak om daar
vraagtekens bij te zetten.'

Geboren op 9 september 1965 in Amsterdam

1968-1969 Sint Margaret Pre-school, Upper Norwood, Londen

1969-1971 Osterrath, Duitsland (niet naar school)

1971-1975 Horley Infant & Primary School, Horley, Surrey

1975-1977 OBS De Pijlstaart, Vinkeveen

1977-1984 Veenlanden College, Mijdrecht, atheneum

1982 auto-ongeluk, opname in AZU (ziekenhuis Utrecht)

1983 Revalidatiecentrum De Hoogstraat, Leersum

1984-1985 hbo jeugdwelzijnswerk Maastricht

1985-1990 UvA psychologie en communicatiewetenschap

1995 geitenhoeder in Zwitserland

1996-1998 hoofd sponsoring van reizende tentoonstelling De Valigia

1998-2004 lid van Het Gilde van Werkgebouwen aan het IJ

1999-2000 oprichter Kinetisch Noord, initiatief voor hergebruik NDSM-werf

2006-2007 cultuurverkenner Amsterdams Fonds voor de Kunst

2007-2009 zakelijk leider Solid Ground Movement, verantwoordelijk voor
hiphopschool in Noord

2009-heden projectleider herontwikkeling Heesterveld

2010-heden fondsenwerver Museum voor de Amsterdamse School

' Ik was zo gefascineerd door de NDSM-werf dat ik tot diep in de nacht
bleef hangen' ' De ommekeer kwam toen ik in de Alpen geiten ging hoeden'

Het Parool . . 26-11-2011

--------------------------------------------------------------
 2010 archief: krakenpost.nl/2010.tar.bz2
 Afmelden, e-mail: kraken-post-unsubscribe_at_dvxs.nl
 Opnieuw aanmelden: kraken-post-subscribe_at_dvxs.nl
 Online Archief: http://www.krakenpost.nl/archief
 [28 Nov 12:00u]:241 abonnees
--------------------------------------------------------------
 
Received on 28 Nov 2011 11:15 uur


Documentlocatie

Dit document staat op krakenpost.nl
voor de huidige en 11 maanden
het origineel blijft op skwot.dvxs.nl:
http://dvxs.nl/~skwot/{jaar}/{maand}/{nnnn}.html
 
kop